Heimwee

In mijn hoofd herhalen zich dezelfde gedachten ‘Ik wil naar huis, ik wil naar huis, ik wil naar huis’.

Ik ben net aangekomen op de natuurcamping waar ik dit weekend alleen ga kamperen. In de leegte volg ik de argumenten om weer huiswaarts te keren: ‘het gaat morgen regenen, mijn lichaam doet pijn, als ik morgenochtend vertrek heb ik het toch nog geprobeerd, ik heb nog zoveel dingen te doen in de tuin’. Het volume gaat steeds harder en ik raak steeds meer overtuigd. Om me heen zie ik amper nog de schoonheid waarvoor ik net vijf uur lang gewandeld heb met een rugzak van achttien kilo op mijn rug.

De camping is omringd met oude bomen, verstrekkende weilanden met bloemen en in je oren hoor je een orkest van vogels die door elkaar heen aan het zingen zijn. Ieder jaar kom ik hier alleen kamperen. Ieder jaar reflecteer ik op mijn leven; mijn gewoontes, mijn baan, mijn vrienden en mijn relatie. Het eerste jaar nam ik het besluit om voortaan zonder smartphone door het leven te gaan. Het jaar daarna beloofde ik mezelf dat ik ieder jaar alleen zou gaan kamperen, ongeacht de omstandigheden. De jaren daarna beschreef ik iedere keer een leegte die ik voelde. Het contrast tussen de stad en de simpele dagen in de natuur maakte het gemis voor mij nog duidelijker. Ik irriteerde me aan het afval, de auto’s en de stenen als ik uit het raam keek van ons appartement. Geen bloesemgeur maar de geur van stinkende vrachtwagens. De conclusie was ieder jaar hetzelfde: ik ben nog blij met mijn relatie (niet onbelangrijk) en als ik volgend jaar weer ga kamperen, wil ik nog langer gaan. 

Een maand geleden reserveerde ik zoals voorgaande jaren bij dezelfde camping. Toen ook al met tegenzin. Zonde van mijn kostbare tijd, leek het me. De werkzaamheden in de tuin stapelen zich op dus kon ik daar niet beter mijn energie in stoppen? Maar mijn beloften aan mezelf om alleen te kamperen, ondanks alles, was sterk. Dus maakte ik de reservering en overtuigde mezelf dat ik nu nog niet kon beseffen hoe goed het me zou doen.

Sinds ik mijn smartphone heb weggedaan ben ik ervan overtuigd geraakt dat het pad met de meeste weerstand je het meest oplevert. Waar pijn zit, zit groei. Heel de dag het nieuws lezen, korte filmpjes kijken of shoppen op het internet is een makkelijke vorm van vermaak.  Je ligt op de bank, moe van je werk, wat is er dan aantrekkelijker: een serie kijken of een jaar voorraad zuurkool maken? Ik keek liever de filmpjes waarin andere mensen lieten zien hoe zij zuurkool maakten of ik kocht een boek over fermenteren (waar ik vervolgens niks mee deed). ‘Ooit als ik tijd heb ga ik leren fermenteren!’ hield ik dan vol. De paradox is dat ik altijd al de tijd had. Ik nam alleen iedere dag de keuze om mijn tijd te besteden aan bezigheden die me ongelukkig maakten. En ja, ik was ook zeker moe. Maar in mijn geval was het meer een gewenning aan luiheid.

Als je iedere dag tegen jezelf zegt dat je na werk geen energie meer hebt om iets te doen, zal je ook nooit de energie vinden om iets te doen. Nadat mijn smartphone de prullenbak in ging ben ik steeds meer gaan doen in mijn vrije tijd. In plaats van uren YouTube filmpjes kijken ging ik nu wandelen en nam ik een boek mee om te lezen in het park. Ik leerde vanaf de basis koken. Zo leerde ik pasta maken, Aziatische gyoza’s, sauzen, groenten fermenteren, inmaken en maakte ik alle soorten deeg die je kunt bedenken. Niet alles wat ik maak is lekker of goed gelukt maar daar gaat het niet om. Iedere hap van je zelfgemaakte brood is een geluksmoment. Júist omdat het zoveel energie en tijd kost. Het doel is de moeite die je doet en niet het resultaat.

Mocht je dit lezen en denken, ‘maar het maakt mij super gelukkig om iedere dag te lezen wat Trump nu weer heeft gezegd’ of ‘ik vind het heel fijn om 10 uur per week AI katten filmpjes te kijken’, blijf dit dan vooral lekker doen. Voor mij voelde mijn telefoon steeds meer als een last maar dat hoeft het voor jou niet te zijn.

Terug naar de camping: het inzicht dat meer moeite doen voor iets je meer voldoening geeft is voor mij een levensstreven geworden. Om deze reden nam ik dus ook het besluit om 5 uur te wandelen naar de camping in plaats van twintig minuten met de auto te rijden. Om te navigeren met een geprinte routekaart (waar ik vervolgens vanaf liep) in plaats van Google Maps. En ook: om toch te gaan kamperen, ook al zei alles in mijn lichaam dat ik beter thuis kon blijven. Maar nu ik hier ontevreden op de camping zit zorgt deze houding voor intern conflict. Is vier dagen met tegenzin, alleen met mijn eigen negatieve gedachten en een slecht boek een recept voor briljante levenslessen of een garantie voor een kutweekend? Het positieve is het negatieve en het negatieve is dat ik hier nu ben.

Met deze woorden op papier (en een halve fles wijn achter de kiezen) voel ik optimisme: het kamperen is nu al niet voor niets geweest. Ik heb geschreven en genoten van het schrijven. Is dat niet voldoende? Of is het juist een reden om door te zetten, om te kijken welke woorden er nog meer uit mijn pen vloeien. Mijn emoties gaan alle kanten op. Moet ik huilen of gewoon niesen?

Omringt door medekampeerders die allen (werkelijk waar) met een horizontale nek voorover gebogen zitten. Starend naar hun telefoonscherm, uren lang, zonder een woord met elkaar te wisselen. Zullen ze weten waar ze zijn? Zullen ze dezelfde bloesem ruiken, de bomen zien en naar de vogels luisteren?

Ik verlang naar huis, naar de geur van mijn vriend, naar de dwarrelende bloesem van de bomen en naar Miep haar zachte vacht. Ik besef me dat ik niet meer naar een camping hoef voor de natuur en rust. Ik heb een thuis met verstrekkende weilanden, vogels en bloemen. Een plek waar ik op dit moment veel liever ben. Misschien is dat het inzicht van dit weekend: dat niet iedere vorm van weerstand overwonnen hoeft te worden.

Liefs, Bep

De wandeltocht samengevat in een tekening

Plaats een reactie