Zachtjes sprinten

Met hoofdletters en uitroeptekens stond ijsheiligen gemarkeerd in mijn agenda. Deze dag, 14 mei, is volgens middeleeuwse traditie de laatste dag dat vorst je tedere plantjes kan teisteren. Je kan de jonge plantjes dus beter maar binnen houden tot ijsheiligen is gepasseerd. Hoe relevant deze traditie met klimaatverandering nog is weet ik niet. Het weer doet wat het wil en dus kun je beter maar gewoon naar buiten gaan en het ervaren.

Regen, wind of zon, iedere dag zuigt een enorme aantrekkingskracht mij de tuin in. Nu ik erover nadenk kan het ook een uitstoot kracht zijn van ons huis. Want eerlijk, het voelt toch nog steeds wel een beetje alsof we ingetrokken zijn bij een bejaard stel. Soms spendeer ik maar vijftien minuten in de tuin maar meestal uren. Ik begin met een doel (bijvoorbeeld iets uitplanten) maar raak dan al snel afgeleid door onkruid of Miep die wil kroelen. Voor ik het weet, ben ik drie uur lang op mijn knieën distels tussen de tegels uit aan het krabben.

Onze buurvrouw waarschuwde ons de eerste keer dat wij haar ontmoetten ‘Doe niet alles tegelijk, daar kreeg ik een burn-out van toen wij ons huis kochten!’. En dus probeer ik haar advies op te volgen en het eerste jaar vooral niet té veel te willen. Behalve hetgeen dat we belangrijk vinden, wat natuurlijk alles is. Een moestuin, bloemen voor de bijen, een gigantisch kippenhok, een hekwerk om Ferry de fazant uit de moestuin te houden, een pizzaoven, compostbakken, fruitbomen, fruitstruiken, dé perfecte pizza, nog meer bloemen, nog meer moestuin, nog meer… En zo doen we toch alles tegelijk. Gelukkig vooralsnog zonder enig signaal van brandstoftekort.

De moestuin ziet er vanaf een afstandje al best professioneel uit. De meeste bedden zijn gevuld met kleine plantjes. Gele uien, rode uien, vier soorten aardappelen, wortels, radijsjes, verschillende soorten sla, spinazie, stokbonen, stambonen en sinds deze week ook witte kool. Als ik het zo opsom klinkt het als heel wat maar lopend door de moestuin zelf denk ik ‘is dit het nou?’. De plantjes groeiden in eerste instantie gigantisch goed in de kleine kas. Ze waren mooi groen, sterk en hadden veel wortels. Mijn zelfvertrouwen als eerstejaars moestuinierder groeide hierdoor enorm. Tot ik ze buiten in de moestuinbedden uitplantte en alles langzaam geel werd. Het sterft niet af maar het groeit ook niet echt door. Het is er gewoon. Als ik mogelijke problemen probeer te identificeren via het internet krijg ik oorzaken als: te warm, te koud, te veel water, te weinig water, te veel voeding en te weinig voeding. Daar kan ik dus helemaal niks mee.

Sugarsnaps met zelf gemaakte naamlabel van klei

Mijn vermoeden is dat de plantjes niet heel blij zijn in de kartonnen compost bedden. Doordat we de compost bij een bedrijf afgehaald hebben (inclusief de stukjes plastic en glas) hebben we geen idee wat de voedingswaarden zijn. Wie weet wat ze er wel niet allemaal in hebben gegooid. Een eigen compost systeem stond daarom redelijk hoog op onze wensenlijst. Met zelfgemaakte compost weet je in ieder geval zeker dat er geen rotzooi in zit.

Over goed composteren staat het internet vol. Er zijn verschillende technieken met ieder zijn eigen arbeidsintensiviteit. In het kader van niet te veel willen doen, trekt een video met als titel ‘The art of lazy composting’ mijn aandacht. Schijnbaar is het rottingsproces nu ook al een kunstvorm geworden. Simpele bakken gemaakt van resthout, al je groenafval en tuinafval erin mieteren, wachten en klaar is Kees. Klinkt als muziek in de oren.

Binnen een middag maakten we drie compostbakken van oude pallets. De eerste stap – de grond egaliseren – slaan we over. En dat is te zien, de bakken staan schots en scheef. Met gaas dichten we de zijkanten af zodat ons toekomstige bruine goud er niet tussenuit kan vallen. Het enige wat ons nu nog te doen staat is voldoende groenafval verzamelen om het drie vakken systeem in werking te zien.

In de rest van de tuin vinden de laatste weken ook veel veranderingen plaats. De in de herfst aangeplante bomen en struiken doen het super goed. Hier en daar is een beuk kaal gebleven maar het overgrote deel is groen. In de fruitbomen zitten zelfs al kleine appeltjes en pruimen! In de achtertuin hebben ook de oude fruitbomen ons verrast. De kersen op een sombere manier: binnen twee weken zagen we hoe een leger aan kleine groene rupsjes alle bladeren van de kersenbomen opaten. Waar het eerst vol hing met jonge kersen, zien we nu enkel nog de steeltjes hangen. De groene kleine vruchten liggen massaal op de grond door alle stress.

Positief verrast werden we door de oude perzikbomen. In beide bomen hangen tientallen kleine harige perzikjes. Wie de bomen ziet verwacht niet dat ze nog leven. Een deel is omgevallen en hol vanbinnen. Bij de andere boom in het hout voor 98% weggerot en schiet er uit het rotte poreuze hout nog één tak met levenslust. Als het aan mijn vriend lag waren beide bomen afgelopen herfst al met de grond gelijk gemaakt. Gelukkig heb ik ook wat te zeggen binnen dit huishouden. Ik zal niet zeggen dat de bomen er ‘in volle glorie’ bij staan (of hangen), maar leven doen ze zeker. Al is het maar door middel van de schimmels en mossen die erop groeien..

In de kale delen van de tuin zoek ik manieren om de tuin wat kleur te geven. Sinds maart kweek ik daarom verschillende bloemsoorten op in de kas: Leeuwenbek, Ridderspoor, Cosmea, Akelei, Oost-Indische kers, Salvia, Siererwten, Goudsbloem, Zegekruid, Blaassiline en Boerenorchidee. In mijn beginners weken heb ik de fout gemaakt om per potje één zaadje te planten. Hierdoor heb ik nu welgeteld zes Leeuwenbek plantjes (de helft kwam ook nog eens niet op). Met een plantafstand van vijftien centimeter kan ik net 1/500ste deel van de tuin beplanten. Het idee dat ik voor me zag – grote bloembakken vol uitbundige bloemen – moet daarom wachten tot volgend jaar. Dan zal ik mezelf herinneren aan de grootte van de tuin en in proportie zaaien. Liever een stuk of zes zaden per potje. Gezien ik niet ver kom met mijn voorgezaaide bloemensoorten, maak ik wekelijks een trip naar het tuincentrum. Ik speur de verpakkingen af welke planten er in mei nog direct buiten gezaaid kunnen worden. Zo vind ik o.a. nog korenbloem, klaproos en een ‘cottage garden’ bloemenmengsel. Hiermee heb ik de voortuin ingezaaid. Althans, dat hoop ik. Een les voor volgend jaar: lichtgewicht zaden kun je beter niet zaaien als het hard waait..

Afgelopen weken ben ik ook veel in de keuken geweest. Als cadeau voor mezelf heb ik een Ooni pizzaoven gekocht. Hier hoort dan ook zelfgemaakt deeg en een goede saus bij. Na een aantal mislukte pogingen is het gelukt om een heerlijke authentieke pizza te maken. Dr Oetker krijg ik hierna nooit meer door mijn strot ben ik bang. Als digitaal receptenboekje ben ik begonnen met het vastleggen van mijn favoriete recepten. De komende weken wil ik meer recepten uitschrijven en fotograferen. Het moeilijkste hierbij (voor mij) is het smakelijk vastleggen van één chaotische knoeipartij. Als er weinig foto’s bij de recepten komen weten jullie alvast waarom.. Het eerste recept staat in ieder geval online.

Voor de liefhebbers van granola hier de link: Bep’s zuurdesem granola.

Een blog die alle kanten op gaat. Maar dat is precies hoe mijn leven momenteel voelt. De woorden van de buurvrouw probeer ik niet te vergeten. Ik geniet met volle teugen van alles wat mijn nieuwe leven op het platteland mij brengt. En ook al wil ik veel, ik doe mijn best om niet te veel té snel te willen. Zachtjes sprint ik mei door. Om in juni nog sneller rustig aan te doen.

Liefs, Bep (en Miep)

Reacties

  1. butteryscentede91f24bc7e Avatar

    Ben erg benieuwd naar de perzikjes, die moeten wel naar levenslust smaken!

    Like

  2. dinnid Avatar

    💚💚

    Like

  3. D's Avatar

    Zaaien, planten en straks het oogsten een proces van geduld.

    Like